De onbekende druif 3: Nielluccio

Onbekend maar niet onbemind..

 

De Nielluccio druif is een vroeg uitlopende, inheemse Corsicaanse druivensoort voor rode wijn waarvan verondersteld wordt dat hij afstamt van de Sangiovese. Hij wordt ook vaak gebruikt als basis voor rosé. Deze wijnen hebben een lichte kleur, relatief veel alcohol en een zachte kruidige fruitsmaak. Deze druivensoort combineert kracht en concentratie. Net als bijvoorbeeld de Grenache leent hij zich het beste voor vinifi catie tot een tamelijk stevige rosé.

 

Het eiland Corsica kent overigens nog meer inheemse druivenrassen die we buiten het eiland eigenlijk nauwelijks tegenkomen.
Nu is Corsica voor menig wijnkenner terre ingognica, daarom grijpen we deze rubriek aan om nader kennis te maken met dit prachtige eiland. In Corsica wordt al sinds de oudheid wijn geproduceerd.

 

In de 19e eeuw vonden de meeste Corsicanen werk in de wijnbouw. Door de phylloxera-plaag in 1874 werden de meeste wijngaarden verwoest en vele wijnbouwers emigreerden of schakelden over op andere gewassen. Na de onafhankelijkheid van Algerije vestigden vele Pied noirs zich als wijnboer op Corsica en introduceerden de massaproductie waarin zij in Noord- Afrika gespecialiseerd waren. Dit bezorgde de Corsicaanse wijnen tot 1976 een slechte naam. De kwaliteit is sindsdien weer veel verbeterd. Corsica heeft een dertigtal eigen druivenrassen, waarvan de bekendste Niellucciu, Sciacarella en Vermentinu zijn.

Daarnaast worden de van het Franse vasteland beroemde Chardonnay, Merlot, Cabernet- Sauvignon en Pinot noir op Corsica gebruikt.

 

De wijnbouw vindt vooral in de kustgebieden plaats. Op 7000 hectare wordt per jaar ongeveer 300.000 hectoliter wijn geproduceerd, waarvan 100.000 Appelation Controlée en 200.000 Vin de Pays. De grootste wijngebieden Patrimonio en Ajaccio hebben een eigen A.O.C.

Er zijn ook vijf gebieden die hun naam aan de algemene A.O.C. Corse mogen toevoegen: Calvi, Coteaux du Cap Corse, Figari, Porto Vecchio en Sartène. Er is ook nog de AOC Muscat du Cap Corse maar de pro- ductie hiervan is gering. Corsica is eigenlijk een berg die deels in de zee staat en 2600 meter boven de zeespiegel uitsteekt. Dit berglandschap heeft invloed op de plekken waar wijnbouw mogelijk is.

 

 

Wijnkenner3_druif

 

De wijnbouw is geconcentreerd langs de grillige kuststrook van meer dan 1000 kilometer rondom. Toch liggen ook landinwaarts enkele wijngaarden. Door de bergen heeft het eiland verschillende microklimaten: in het noordoosten bij de stad Bastia is het warmer dan in het zuidwesten bij de stad Ajaccio. Ook de bodemsamenstelling is gevarieerd. In het oosten vinden we voornamelijk graniet terwijl de bodem in het westen weer veel leisteen bevat. De bodems in het zuiden en het noorden bevat- ten voornamelijk kalk en het centrale deel van Corsica heeft veel klei in de bodem.

 

Corsica hoort al sinds 1769 bij Frankrijk, maar er is een sterke Italiaanse invloed. Het eiland heeft een heel eigen karakter, taal en cultuur. Ook de wijnbouw heeft een eigen karakter. Op Corsica staan druivenrassen die elders weinig voorkomen. Dit maakt de wijnen interessant, en er is stijgende vraag naar wijnen van onbekende druivenrassen. De belangrijkste druivenrassen op Corsica zijn voor witte wijnen Vermentino (Malvoisie de Corse) Ugni blanc, Viognier en Chardonnay. Blauwe druivenvarieteiten zijn onder ande- re Sciacarello, Nielluccio en de meer bekendere Grenache, Cinsault, Carignan, Mourvèdre, Syrah.

 

Ook de “wereldse”druivenrassen als Cabernet Sauvignon en Merlot ontbreken hier niet. De totale aanplant bedraagt nu bijna 7000 ha waarvan 3000 ha onder de AOC bepalingen valt. Op Corsica onderscheidt men de volgende AOC’s: Vin de Corse, Muscat du Cap Corse, Vin de Corse-Coteaux du Cap Corse, Vin de Corse Porto-Vecchio, Vin de Corse Figari, Vin de Corse Sartène en Vin de Corse Calvi. Tenslotte zijn er ook nog twee lokale appellations namelijk Ajaccio en Patrimonio.-: In de AOC’s op Corsica gebruiken wijnmakers oorspronkelijke druivenrassen zoals Sciacarello, Nielluccio, Barbarossa en Aleatico. Provençaalse rassen, zoals Mourvèdre, Cinsault, Syrah en Carignan, zijn in Vin de Corse en in Vin de Corse + dorpsnaam meestal toegestaan. Wijnen van Cabernet Sauvignon, Merlot en Chardonnay hebben geen recht op de AOC-status en komen als Vin de Pays de l’Île de Beauté op de markt. De regionale appellation Vin de Corse dateert van 1973. Tegelijkertijd is voor vier dorpen de appellation Vin de Corse Villages ingesteld: de dorpen Porto-Vecchio, Figari, Sartène en Calvi mogen aan ‘Vin de Corse’ ook hun dorpsnaam toevoegen. In 1968 is de lokale appellation Patrimonio ingesteld.

 

In 1984 kregen ook de wijnen van Ajaccio het recht op een lokale herkomstbenaming. Het uiterste noorden van Corsica produceert een eigen Vin Doux Naturel van de muskaatdruif: Muscat de Cap Corse.

 

Wijn2