Het eiland Madeira

Madeira

Madeira is een vulkanisch eiland in de Atlantische Oceaan en behoort samen met nog een handvol kleinere eilanden tot Portugal. Madeira is ook het Portugese woord voor hout en daarvan heeft het eiland ruim voldoende, namelijk in de vorm van uitgestrekte bossen.

 
Madeira kent ook wijnbouw. De wijn op Madeira dankt zijn bijzondere karakter aan de tijd dat het een bevoorradingsplek was voor Engelse schepen. Onderweg naar Amerika namen die schepen vaten wijn van het eiland mee, aangelengd met wat brandewijn. Ze legden ze op het dek, in de brandende zon. Wanneer de schepen maanden later weer terugkwamen, bleek de wijn een aparte, interessante smaakontwikkeling te hebben doorgemaakt. Op die ontdekking is het procédé van de Madeira tot op de dag van vandaag gebaseerd. In de hoofdstad Funchal bevinden zich aan de haven diverse zeer oude lodges waar de Madeira wijn wordt opgeslagen en bewaard. De druiven worden allemaal naar de lodges gebracht. Daar worden ze gegist in roestvrijstalen tanks. De wijnmaker stopt de gisting vroegtijdig, door alcohol toe te voegen. Na deze eerste stap heeft hij de Vinho Claro, de basiswijn voor elke Madeira.

 

Vervolgens laat hij de wijn maderiseren. Het sap gaat vier tot vijf maanden in grote betonnen tanks, die op een temperatuur van 40°C tot 50°C gehouden worden. Dit stoven van de wijn heet de Estufa.
De beste Madeira’s stoven dertig jaar of zelfs veel langer, in houten vaten op de hete zolders van de lodges. Wanneer de wijn is ‘uitgestoofd’, koelt de wijnmaker de wijn langzaam af. Hij mengt de wijn naar eigen inzicht met andere vaten en voegt nog wat alcohol toe.

 

Juist doordat Madeira op deze manier ‘gewend’ is aan extreme omstandigheden en contact met zuurstof, kan hij zeer oud worden. Een goede Madeira van 150 jaar oud, is nog uitstekend te drinken.

 

Er zijn allerlei soorten Madeira, met allemaal hun eigen smaakstijl. De gebruikte druiven zijn niet onbelangrijk. Er mogen vijf ‘edele druivenrassen’ gebruikt worden: Sercial, Boal, Verdelho, Malvasia (op Madeira verbasterd tot Malmsey) en Terrantez. Maar 90% van de wijngaarden op Madeira is aangeplant met de kwalitatief iets minder interessante Tinta Negra Mole.

 

Maar Madeira is bovenal ook een prachtig eiland om heerlijke wandeltochten te maken. Overal op het eiland bevinden zich irrigatiekanaaltjes, de zogenaamde levada’s. Deze levada’s op Madeira vormen een kronkelend netwerk van kanaaltjes die op de meeste plaatsen van een voetpad langs of over het kanaaltje zijn voorzien. De totale lengte van het netwerk wordt geschat tussen 800 tot wel 5000 km en het is zeker op warme dagen heerlijk wandelen in de schaduw langs de levada’s.