Chileense wijnen: het fruit springt eruit

Van Chili wordt wel eens gezegd dat het een plantenkas is zonder dak. En dat klopt aardig. Het klimaat is er ideaal en het is er tijdens de groeiperiode van de druivenplant zelden te koud en dankzij de koelende wind vanuit de Grote Oceaan ook niet smoorheet. De druiven ontbreekt het nagenoeg aan niets en je hoort ze bij wijze van spreken groeien in de wijngaard.

Nu is het wel zo dat niet overal voldoende water aanwezig is en dat hebben de kolonisten van het eerste uur, dat waren de Spanjaarden, opgelost door vanuit de Andes allerlei kleine kanaaltjes aan te leggen waardoor het smeltwater direct de wijngaarden instroomt. Deze zogenaamde irrigatiekanaaltjes zijn de aderen van de wijngaard en je hebt in de valleien van Chili dus niets aan grond als je niet ook vrijelijk over irrigatiekanaaltjes kunt beschikken. Daar is in het verleden nog wel eens flink over gesteggeld tussen menig wijngaardbezitter.

 

Als je nu door het centrale deel van Chili rijdt, daar waar het grootste deel van de wijngaarden gelegen is, dan valt op dat alles er zeer verzorgd en strak bijligt. De wijnstruiken strak in het gelid, als was het een peloton klaar voor inspectie tijdens appel!  Netjes overal dezelfde ruimte ertussen waardoor er gemakkelijk machinaal gesnoeid en geoogst kan worden. Machinaal oogsten heeft bij de consument nog wel een negatieve klank en het was ook zeker vroeger zo dat met het oogsten niet alleen de druiven meekwamen maar ook de bladeren en de takken.

 

Chileensewijnen

Dit zorgde niet zelden voor  een ‘harde’, onrijpe smaak in de wijn. Maar technische ontwikkelingen staan ook hier niet stil en de moderne oogstmachines kunnen feilloos worden ingesteld om alleen de rijpe druiven los te schudden. De druiven worden perfect opgevangen en bereiken onbeschadigd de wijnkelder. Steeds vaker overigens vindt er in de wijnkelder nog een automatische selectie plaats waarbij onrijpe druiven door middel van perslucht van de selectietafel worden geblazen. Alleen rijp fruit blijft over. Rijp fruit wat ook nog eens vrij is van ziektekiemen, bacteriën enzovoorts. Chili ligt als het ware ingeklemd tussen Grote Oceaan, woestijn in het noorden, de Andes in het westen en gletsjers in het zuiden. Vraatzuchtige kevers zoals wij die in Europa hebben gekend, zijn in Chili een zeldzaam verschijnsel. In de Chileense wijngaarden wordt nauwelijks met bestrijdingsmiddelen gewerkt. En ook al staat het niet expliciet op het etiket vermeld, steeds meer Chileense wijnen zijn wel degelijk biologisch bereid. En dat proef je! Zoals bij de Tantehue wijnen van het wijnhuis Viña Ventisquero. Rood van de Cabernet Sauvignon en Merlot druiven, of wit gemaakt van de Chardonnay. Alle twee smakelijk en barstensvol rijp fruit. Als dat geen genieten wordt!


Reacties


Er zijn momenteel geen reacties gegeven op dit bericht.